Een kruising tussen twee vormen
van lijninfrastructuur waarbij de verkeersstromen elkaar op ongelijk hoogte
tegen komen. Voorbeelden zijn een fly over, dive under, viaduct, tunnel,
traverse, enz
Toelichting:
Essentieel is dat twee elkaar kruisende gebruikers van de twee
verstillende infrastructuren, geen hinder van elkaar ondervinden.
Denk aan een tunnel die onder een vaarweg is aangelegd. Als een schip
en trein/auto elkaar willen kruisen, kunnen beiden ongehindert doorgaan.
Zou er echter op deze plaats een brug met een beweegbaar deel zijn aangelegd, dan
kan op een moment slecht een van beide stromen gebruik maken van het kruisingspunt.