|
|
Bedieningsmodel
| Omschrijving: |
Weergave van het treinendiensten
aanbod in termen van treinsoorten, halteplaatsen, frequentie, gemiddelde
reistijd, comfort, punctualiteit en aansluitingen. |
Relevante begrippen behorend bij 'Bedieningsmodel'
| |
|
| Omschrijving: |
InterCity, InterRegio (sneltreinen),
Agglo-Regio (stoptrein), Sprinters (stoptrein), Light rail en goederentreinen.
Treinen behoren tot dezelfde treindienstsoort omdat ze dezelfde treindienst rijden (bijv.
IC of IR), niet omdat ze tot hetzelfde treintype (bijv. IC3 of mat "64)
behoren. |
| Toelichting: |
In gewoon mensentaal is staat treindienst voor het soort trein
die in het spoorboekje staat.
Voor woordgebruik van binnenlandse reizigers is dat InterCity, Sneltrein en Stoptrein.
De NS gebruikt daar liever iets 'nettere' woorden voor.
Voor internationale reizigers komen daar nog bij de EuroCity, de internationale trein,
de slaaptrein, de autotrein, enz.
De Thalys is een merknaam voor een EuroCity naar België en verder. |
| Links: |
InterCity (IC),
InterRegio (IR),
Agglo-Regio (AR),
sprinter,
stoptrein,
light rail,
hogesnelheidstreindienst |
| |
|
| Omschrijving: |
Treinen die langs dezelfde route
onderweg zijn van hetzelfde vertrekpunt naar dezelfde bestemming.
Vertrekpunt en bestemming kunnen zijn: splitsingspunt
en knooppunt. |
| Links: |
trein,
splitsingspunt,
knooppunt |
| |
|
| Omschrijving: |
Gedeelte van de vrije baan voorzien
van een inrichting waar reizigers kunnen in- en uitstappen en/of goederen
kunnen worden aangenomen en afgeleverd, niet zijnde een station. Treinen
kunnen hier niet van volgorde wisselen . ( inhalen).. |
| Links: |
halteren |
| |
|
| Omschrijving: |
Mate waarin de gerealiseerde
dienstuitvoering overeen komt met de planning. |
| Links: |
bedieningsmodel |
|
|